Nederlandse betaaldienst keert huizen uit

Je had erbij moeten zijn. Nog geen twee uur na de beursgang van Adyen in Amsterdam, medio juni, noteerde het bedrijf al een plus van 80%. De eerste aandeelhouders mogen zich in een klap een stuk rijker rekenen. De gang van de markt is de grootste sinds jaren, in elk geval sinds de verkoop van de aandelen ABN Amro door de Nederlandse staat. Het piekt bovenaan de lijst van meest omvangrijke beursgangen van techbedrijven in Europa dit jaar.

Niet alleen de top van het bedrijf, maar ook de werknemers profiteren van de beursgang doordat de afgelopen jaren een deel van het salaris is uitgekeerd in opties. “Het zijn geen Silicon Valley-achtige taferelen, waar koffiedames bij de grootste web-ondernemingen afgelopen decennia multimiljonair zijn geworden”, vertelt een ingewijde, “maar de meesten op de vloer kunnen nu wel een huis kopen of een hele mooie auto.” Ze mogen, als ze hun waardepapieren verzilveren, bijna 2,5 miljard verdelen.

Anders dan de meeste andere snelgroeiende web-bedrijven is Adyen niet een van de bekendste spelers. Oprichter en de huidige CEO van de betaaldienst Pieter van der Does lijkt zich bewust buiten de media te willen houden. Wellicht om deals met grote bedrijven als Facebook, Uber, Netflix en AirBNB meer kans van slagen te geven. Samenwerkingen met die web-reuzen leverden afgelopen jaren een explosieve groei van de omzet op; alleen al vorig jaar klom de verkoop van het bedrijf met 50 procent tot ruim een miljard. Adyen verrichte voor ruim 108 miljard aan betalingen (een stijging van 63 procent). In 2017 kreeg de tech-onderneming een bankvergunning van de Europese Centrale Bank waarmee het zijn dienstenpakket kan uitbreiden. Het Amerikaanse zakenblad Forbes noemt Adyen een van de 5 belangrijkste online-bedrijven op het continent in de jaarlijkse Cloud 100.