Psychologen onderzoeken: hoe realistisch zijn alle ‘filmpsychopaten’?

Geef maar toe: als je naar een film kijkt waarbij – zoals in veel gevallen – de good guy de slechterik verslaat, vind je het minder interessant om naar te kijken. Vooral als je na twee minuten het einde al van mijlenver aan ziet komen. Maar in een aantal gevallen kun je simpelweg niet stoppen met kijken. Niet vanwege de goede of slechte verhaallijn, maar omdat er één personage is waarbij je net iets rechter op gaat zitten als hij of zij in beeld komt. Vaak zijn dat niet zozeer de slechteriken, maar degenen waarbij een klein steekje los zit: vaak betiteld als de ‘psychopaat van de film’. Ze zijn onvoorspelbaar, intens en houden je van begin tot eind aan de buis gekluisterd.

De vraag is alleen hoe realistisch deze personages op het witte doek worden vertolkt. Om daar achter te komen heeft een groep psychologen 400 van de meest iconische psychopaten in de filmgeschiedenis onder de loep genomen, wat vervolgens verscheen in de Journal Of Forensic Sciences. Daaruit blijkt dat niet iedereen – hoe goed de acteerprestatie ook is – aan het etiket van psychopaat voldoet. Aantal de hand van een paar voorbeelden leggen de analytici uit welke personages het best en het slechts uit deze test komen.

‘Goede’ voorbeelden

Anton Chigurh (No Country For Old Man)

“We hebben geen informatie over zijn jeugd, maar er zijn voldoende argumenten en details over zijn gedrag in deze film om een diagnose vast te stellen, die bestaat uit actieve, primaire, idiopathische psychopathie, onvermogen tot liefde, afwezigheid van schaamte of spijt, gebrek aan psychologisch inzicht, onvermogen leren van ervaringen uit het verleden, koelbloedige houding, meedogenloosheid, totale vastberadenheid en gebrek aan empathie.”

Henry (Henry: Portrait of a Serial Killer)

“Het meest interessante aan deze film is de chaos en instabiliteit in het leven van de psychopaat. Henry’s heeft een gebrek aan inzicht, een serieus gebrek aan empathie, emotionele armoede en een goed geïllustreerde tekortkoming om vooruit te plannen.”

Gordon Gekko (Wall Street)

“Gordon Gekko van Wall Street is waarschijnlijk één van de meest interessante, manipulatieve, psychopathische, fictionele karakters van dit moment. Dit type mensen verschijnen dan ook steeds vaker in films en series.”

Slechte voorbeelden

Jason Voorhees (Friday The 13th)

“In deze slasher films zijn psychopathische personages over het algemeen onrealistisch en is het een opeenstapeling van eigenschappen als sadisme, intelligentie en het vermogen om het plan te voorspellen dat de toekomstige slachtoffers gebruiken om te ontsnappen. Vandaag de dag zijn dit meer iconische, populaire, kwaadaardige representaties van fictieve moordenaars dan interessante psychopaten.”

Hannibal Lecter (Silence Of The Lambs)

“De traditionele ‘Hollywood-psychopaat’, die over het algemeen vóór 2000 wordt beschreven, vertoont waarschijnlijk enkele of alle van de volgende kenmerken, waardoor ze ‘ideale schurken of bovenmenselijk’ zijn: hoge intelligentie en voorkeur voor intellectuele stimulering (bijv. muziek of beeldende kunst) ), een ietwat ijdel, stijlvol, bijna “katachtig” gedrag, prestige of een succesvolle carrière of positie, een rustige, berekenende en altijd-in-control houding en onrealistische, uitzonderlijke vaardigheid in het doden van mensen, vooral met messen of huishoudelijk werk objecten (soms overweldigende meerdere aanvallers met superieure bewapening). Deze eigenschappen, vooral een combinatie daarvan, zijn over het algemeen niet aanwezig in echte psychopaten. ”

Catherine Tramell (Basic Instinct)

“Net als in het echt zijn vrouwelijke psychopaten zeldzaam (en niet goed bekend en onderzocht). Wanneer ze worden gebruikt, dienen ze meestal als planmatige manipulatoren wiens voornaamste wapen seksueel getint zijn.”