Franse metropool op de Drentse hei

Foto: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en Den Haag, eat your heart out. Als het aan koning Lodewijk Napoleon had gelegen had Neerlands grootste stad in Drenthe gelegen. Twee eeuwen terug had de Fransman plannen om Assen om te toveren tot het Versailles van het Noorden. Het stratenplan lag er al, net als de ontwerpen voor verschillende aanzienlijke paleizen, lusthoven en parken. Na vier jaar in de Lage Landen dwong zijn machtige broer Napoleon Bonaparte hem echter tot aftreden. Vijf jaar later namen de Oranjes het over.

De Oranjes hadden geen goed woord over voor Napoleon Bonaparte en zijn broer Lodewijk Napoleon toen ze het vanaf 1815 weer voor het zeggen kregen in de Lage Landen. De Fransen en hun gevolg in Nederland hadden hen jaren eerder verdreven en van bijna al hun persoonlijke rijkdommen bestolen. Bij de stichting van het Koninkrijk der Nederlanden draaiden de propagandamachine dan ook op volle toeren: Lodewijk zou onze koloniale belangen verspeeld en de economie ten gronde gericht hebben. Nota bene, de Fransman slaagde er niet eens in om zijn eigen vrouw aan zijn zij te houden, de prinses vluchtte uit pure walging voor de Nederlandse kleinburgerlijkheid na enkele jaren uit het Paleis op de Dam terug naar Parijs. Beroemd is de anekdote dat Lodewijk zich staand op zijn nieuw aangelegde balkon in het centrum van Amsterdam aan de stedelingen voorstelde als ‘Konijn van Olland’.

De lastercampagne zou onderdeel worden van ons lespakket – en vertaalt zich nog altijd voor een belangrijk deel in de geschiedenis over de negentiende eeuw zoals dat op de meeste scholen onderwezen wordt. Het is onderdeel geworden van ons collectieve geheugen. Onterecht, stellen een aantal historici nu, Lodewijk Napoleon was een buitengewoon populair vorst en ondernam veel om ons land mee te krijgen in de vaart der volkeren.

Een nieuwe koning
De drie jaar geleden door de VPRO-uitgezonden serie ‘De IJzeren Eeuw’ start zelfs met een complete uitzending over de Fransman: “Lodewijk investeerde in onze moderne staatsinrichting, een behoorlijke infrastructuur en betere gezondheidszorg en onderwijs. Anders dan zijn voorgangers wenste hij dat er vooral Nederlands aan het hof gesproken werd – en niet, zoals gebruikelijk in de tijd, Frans, zijn moedertaal.”

Minst bekend van alle grote plannen van Lodewijk is wellicht zijn wens om een metropool aan te leggen op de Drentse hei. Zo liet de monarch op 13 maart 1809 per koninklijk besluit weten dat ‘uit aanmerking van de aangelegenheid en gelukkige ligging […] Assen in het centrum van het departement Drenthe der vergroting waarvoor hetzelfde departement vatbaar is, […] de rang van stad wordt verleend op gelijken voet als alle andere steden van het rijk.’ Het gehucht kreeg niet alleen stadsrechten maar zou ook in bevolkingsaantal moeten groeien naar ruim 6.000 inwoners. Lodewijk benoemde een burgermeester, twee wethouders, een secretaris en vijf vroedschappen (raadsleden).

Een nieuw Versaille
Het had qua allure niet onder moeten doen voor het Parijs van zijn broer. Er moesten verschillende ambachtsscholen worden aangelegd, kapitale boulevards, parken en een aanzienlijk paleis met compleet lusthof. De koning wenste in de zomermaanden in de nieuwe stad door te brengen, zo maakte hij duidelijk. Lodewijk liet zijn favoriete architect Carlo Giovanni Francisco Giudici een stratenplan optekenen (waarvan een kaart bewaard wordt in het Asser gemeentearchief). Uit eigen portemonnaie schonk de vorst enkele tienduizenden guldens voor de aanleg van de eerste huizen in Franse stijl. Van de geplande bouwwerken kwamen slechts enkele gereed aan de Brinkstraat en de Nieuwe Huizen in Assen.

Napoleon Bonaparte zag tot grote frustratie van zijn broer weinig in investeringen in het wingewest. Ondanks felle protesten – Lodewijk schreef in een aangrijpende brief ‘Sire, welk een vloek rust er op mij dat mijn gedrag met zoveel afweer wordt beoordeeld? Mijn hachelijke situatie geeft mij geen rust.’ – hield de kleine generaal vanuit Parijs voet bij stuk. Nederland werd in 1810 bij Frankrijk ingelijfd. Lodewijk zag zijn dromen verdampen, de bouwtekeningen voor het moderne Assen, aangelegd in Franse stijl, verdwenen in de kast.

Goed weer
Blijft de vraag hoe de Franse koning überhaupt op het idee kwam om Assen om te bouwen tot aanzienlijke stad: het dorpje was ontegenzeggelijk arm, er waren geen winkels of restaurants en de meeste wegen waren van zand. Welnu, daarover verschillende meningen. Zeker is dat de inwoners een flinke investering in hun gehucht wel zagen zitten. Het laatste restje uit de gemeentespaarpot werd ingezet ter verfraaiing van Assen toen per koninklijk decreet melding gemaakt werd dat de monarch de regio aan zou doen. Huizen werden zo goed als kon opgeknapt, groenstroken opnieuw ingericht en het vertrek waarin Lodewijk zou overnachten voor niet minder dan 50 gulden (in de tijd nogal een designbudget) van nieuw meubilair en een aantrekkelijk likje verf voorzien (de rest van het 200 man tellende gevolg van de koning moest bij Assenaren in huis overnachten). Wat mee speelde was dat het weer bij een eerste bezoek op 20 maart 1820  goed was. De natuur stond in bloei en het was warm, zo blijkt uit bewaard gebleven verslagen.

Franse erfenis
Ook de stemming van de koning zelf speelde een rol: Lodewijk had in de grotendeels lege provincie de ruimte om te bouwen om zo (aan zijn broer) te laten zien waar hij toe in staat was. Economische bloei zou bovenal ook het weinige protest dat in de rest van Nederland aanwezig was tegen de Franse bezetting de kop in drukken. Daarbij ontving hij, zo is duidelijk, bij zijn aankomst een van de weinige vriendelijke brieven van Napoleon; hij was aldus goed gemutst.

Hoewel weinig bewaard is gebleven van de Franse tijd in Assen, is de korte episode aan het begin van de negentiende eeuw bepalend geweest voor de verdere ontwikkeling van de stad en de provincie. Anders is dat in Parijs waar de naam Assen zelfs de belangrijkste historici weinig zegt.